grootheden luchtgeluid

meestgebruikte akoestische grootheden luchtgeluid


Kort overzicht van de meest gebruikte akoestische grootheden.

algemeen m.b.t. akoestische grootheden



  • R


Als een grootheid begint met R dan kun je dit interpreteren als "resistance". Hoe hoger de R hoe beter het bouwelement luchtgeluid tegenhoudt.



  • D


Als een grootheid begint met D dan kun je dit interpreteren als "difference", een geluidsniveauverschil tussen de zendruimte en de ontvangstruimte. Hoe groter de D des te beter.



  • L


Als een grootheid begint met een L dan kun je dit interpreteren als "level", het geluidsniveau. Hoe lager L, des te stiller het is.



  • in een akoestische grootheid


Het subscript w (weighted) wijst er op dat de het een gewogen grootheid is, een ééngetals aanduiding.



  • A in een akoestische grootheid


Als het subscript A in een akoetische grootheid staat dan wil dit zeggen dat de grootheid A-gewogen is. Met de A-weging zorgen we ervoor dat de grootheid aangepast is aan onze oorgevoeligheid. Mensen horen laagfrequent en hoogfrequent minder goed dan middenfrequent geluid.


tertsband

50 Hz

63 Hz

80 Hz

100 Hz

125 Hz

160 Hz

200 Hz 

250 Hz

A-weging

-30,3 dB

-26,2 dB

-22,4 dB

-19,1 dB

-16,2 dB

-13,2 dB

-10,8 dB

-8,7 dB

tertsband

315 Hz

400 Hz

500 Hz

630 Hz

800 Hz

1000 Hz

1250 Hz

1600 Hz

A-weging

-6,6 dB

- 4,8 dB

- 3,2 dB

-1,9 dB

-0,8 dB

+ 0 dB

+ 0,6 dB

+ 1 dB

tertsband

2000 Hz

2500 Hz

3150 Hz

4000 Hz

5000 Hz

A-weging

 + 1,2 dB

+ 1,3 dB

+ 1,2 dB

+ 1 dB

+0,6 dB

Als een drukmicrofoon bij 1000 Hz 50 dB registreert dan interpreteren onze oren dat ook als 50 dB.


Als de drukmicrofoon bij 80 Hz 50 dB registreert dan interpreteren onze oren dat als 50 dB - 22,4 dB = 27,6 dB.



  • n in een akoestische grootheid


Het subscript n (normalized) in een grootheid wijst erop dat de grootheid genormaliseerd werd. Meestal zie je nT in een akoestisch grootheid, dit wijst erop dat er genormaliseerd werd naar de nagalmtijd. We doen dit om de grootheid onafhankelijk te maken van de inrichting van de ruimte waarin we de meting uitvoeren.


Stel dat we de geluidsisolatie tussen 2 appartementen meten.


Bij de eerste meting laten we het appartement onbemeubeld. Bij een tweede meting bemeubelen we het appartement, waardoor er zich meer geluidsisolerend materiaal in de ruimte bevindt. 


In het bemeubelde appartement zullen we een lagere geluidsdruk meten terwijl we niets aan de constructie wijzigen. Als we niet normaliseren en we berekenen een D = geluidsniveau in de zendruimte - geluidsniveau in de ontvangsuimte, dan zal D hoger zijn in het bemeubelde vertrek en zouden we onterecht kunnen concluderen dat de luchtgeluidsisolatie beter is. Om de D onafhankelijk te maken van de de inrichting van de ruimte normaliseren we naar de nagalmtijd. We meten de nagalmtijd in de ontvangstruimte en vergelijken die met standaard nagalmtijd (meestal 0.5 sec).

akoestische grootheden in het akoestische lab


In het akoestische laboratorium is er enkel directe geluidstransmissie doorheen de geteste opbouw mogelijk.

    luchtgeluidsisolatie labo
    • een omnidirectionele geluidsbron die roze ruis uitzendt en een microfoon die het geluidsdrukniveau per terstband meet in de zendruimte


    • een microfoon die in de ontvangstruimte het geluidsdrukniveau per tertsband meet


    • de oppervlakte van het testelement wordt gemeten


    • de nagalmtijd in de ontvangstruimte wordt gemeten om daaruit het equivalent absorptieoppervlak af te leiden



    • de akoestische grootheid R: de geluidsverzwakkingsindex van een bouwelement


    • de producteigenschap wordt in het labo gemeten in de terstbanden met middenfrequentie van 100 Hz tot 3150 Hz
    • deze producteigenschap houdt geen rekening met de oorgevoeligheid
    • zo krijgen we 16 waarden gaande van Rterts100 tot Rterts3150
    • de geluidsverzwakkingsindex van een bouwelement is in de lage frequenties altijd lager dan in de hoge frequenties
    • genormaliseerd naar oppervlak scheidingswand & equivalent absorptieoppervlak in de ontvangstruimte




    • de akoestische grootheid Rw : de gewogen geluidsverwakkingsindex


      • wordt berekend op basis van de gemeten R per tertsband
      • men maakt gebruik van een referentiecurve om de ééngetalswaarde af te leiden

    tertsband

    100 Hz

    125 Hz

    160 Hz

    200 Hz

    250 Hz

    315 Hz

    400 Hz

    500 Hz

    gemeten R

    33 dB

    36 dB

    38 dB

    40 dB

    44 dB

    46 dB

    50 dB

    54 dB

    tertsband

    630 Hz

    800 Hz

    1000 Hz

    1250 Hz

    1600 Hz

    2000 Hz

    2500 Hz

    3150 Hz

    gemeten R

    57 dB

    57 dB

    60 dB

    62 dB

    61 dB

    60 dB

    61 dB

    62 dB

    De gewogen geluidsverzwakkingsindex op basis van de 16 gemeten R-waarden in de tabel bedraagt 55 dB.


    Best handig dat er maar één waarde is i.p.v. 16 waarden als je de akoestische prestaties van 2 bouwelementen snel wil gaan vergelijken. 


    Maar als ik de geluidsisolatie van een materiaal/opbouw in het spectrum van de menselijke stem wil kennen dan wil ik weten hoe dat element presteert tussen de pakweg 250 en 1000 Hz, leert die Rw van 55 dB mij niet veel.


    Om toch wat spectrale informatie mee te geven zijn er 2 spectrale adaptatietermen voorzien: C voor normaal geluid en Ctr voor laagfrequent geluid.


    De grootheid Rw houdt geen rekening met de oorgevoeligheid, de grootheden RA en RAtr houden hier wel rekening mee.



    • de akoestische grootheid RA is gelijk aan Rw + de spectrale adaptatieterm C


    Deze producteigenschap drukt uit hoe goed een materiaal/opbouw gewoon lawaai (stemmen, radio, snelrijdend verkeer,...) isoleert.



    • de akoestische grootheid RAtr is gelijk aan Rw  + de spectrale adaptieterm Ctr


    Deze producteigenschap drukt uit hoe goed een materiaal/opbouw laagfrequent lawaai (beatmuziek, traagrijdend verkeer,...) isoleert.



    subjectieve indruk van de geluidsverzwakkingsindex



    • R'w 62 dB = luid ingestelde radio onhoorbaar doorheen de wand
    • R'w 57 dB = normaal ingestelde radio onhoorbaar doorheen de wand
    • R'w 47 dB = luid gesprek nog net verstaanbaar doorheen de wand
    • R'w 42 dB = normaal gesprek nog net verstaanbaar doorheen de wand
    • R'w 37 dB = normaal gesprek goed verstaanbaar doorheen de wand


    ' slaat op een in-situ situatie = directe geluidstransmissie doorheen het scheidingselement + flankerende transmissie.  Om een R'w van 37 dB te bekomen moet de Rw van het scheidingselement hoger zijn.


    Altijd een beetje opletten als je labotesten vergelijkt !


    Test dezelfde opbouw meerdere keren in het labo en je krijgt andere resultaten (repeatability).


    Test dezelde opbouw in verschillende akoestische laboratoria en je krijgt andere resultaten (reproducibility).


     3 keer raden welke waarde op een technische fiche vermeld zal worden?


    Vanaf een 200 Hz lopen de resultaten van de metingen tussen de verschillende akoestische laboratoria gelijk. Onder de 200 Hz neemt de meetonzekerheid toe (ruimtemodes).


    Een verschil van 1 dB tussen 2 producten beschouwen wij als hetzelfde resultaat.

    akoestische grootheden in-situ = in een afgewerkt gebouw


    In het afgewerkte gebouw meten we de geluidstransmissie via alle wegen (in het akoestisch labo is dit enkel de directe geluidstransmisie).


    • de akoestische grootheid DnT : het gestandardiseerde geluidsdrukniveauverschil tussen 2 ruimtes
    luchtgeluid meten in-situ
    • in de zendruimte straalt een omnidirectionele luidspreker roze ruis uit en meet een microfoon per tertsband het geluidsdrukniveau


    • in de ontvangstruimte meet een microfoon het geluidsdrukniveau per tertsband


    • de nagalmtijd in de ontvangstruimte wordt gemeten

    DnT = geluidsdrukniveau per tertsband in de zendruimte - geluidsdrukniveau per terst in ontvangtruimte + 10log T/ T0


    • T = de gemeten nagalmtijd in de ontvangstruimte
    • T0 = de referentienagalmtijd (0.5 sec indien het volume van de ontvangstruimte groter is dan 30 m³)

    de akoestische grootheid DnT,w : het gewogen gestandardiseerd geluidsdrukniveauverschil tussen 2 ruimtes


    • wordt berekend op basis van de 16 gemeten DnT waarden per tertsband
    • ééngetalsaanduiding wordt bepaald met behulp van een referentiecurve
    • deze grootheid wordt gebruikt in de akoestische normen van 2008